Subsidies voor duurzaam ondernemen: overzicht van regelingen in 2026

Als ondernemer die wil verduurzamen, kun je rekenen op een breed scala aan subsidies, leningen en fiscale voordelen. Subsidies voor duurzaam ondernemen zijn beschikbaar via drie lagen: de gemeente, de provincie en de rijksoverheid. Welke regeling voor jou het meest oplevert, hangt af van je sector, bedrijfsgrootte en wat je precies wilt aanpakken.

Welke subsidies voor duurzaam ondernemen bestaan er?

De meest gebruikte regelingen komen van de rijksoverheid. Hieronder de bekendste op een rij:

  • SDE++ (Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie): een subsidie voor bedrijven die duurzame energie opwekken of CO2 reduceren, bijvoorbeeld via zonnepanelen, warmtepompen of waterstofproductie. De subsidie dekt het verschil tussen de kostprijs van duurzame energie en de marktprijs.
  • EIA (Energie-investeringsaftrek): een fiscale regeling waarmee je een deel van je investering in energiebesparende bedrijfsmiddelen extra aftrekt van de winst. Naar schatting rond 45,5% aftrek in 2026, bovenop de normale afschrijving.
  • MIA en Vamil (Milieu-investeringsaftrek en Willekeurige afschrijving milieu-investeringen): vergelijkbaar met de EIA, maar dan specifiek voor milieuvriendelijke investeringen die op de Milieulijst staan, zoals elektrische bedrijfswagens of duurzame productieapparatuur.
  • ISDE (Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing): een directe subsidie voor zakelijke gebruikers die een warmtepomp of zonneboiler aanschaffen voor een bedrijfspand.
  • Demonstratieregeling Klimaattechnologieën en -innovaties in transport (DKTI): gericht op bedrijven die werken aan schone mobiliteitsoplossingen.

Provinciale en gemeentelijke regelingen

Naast de landelijke regelingen hebben veel provincies en gemeenten eigen subsidies voor duurzame ondernemers. De gemeente Den Haag heeft bijvoorbeeld een overzichtspagina met regelingen van alle drie de overheidsniveaus bij elkaar, zodat je als ondernemer snel ziet wat er in jouw regio beschikbaar is. Dit soort overzichtspagina’s zijn een handig startpunt, want provinciale en gemeentelijke subsidies variëren sterk per regio.

Typische provinciale regelingen richten zich op duurzame bedrijventerreinen, circulaire economie of regionale energiecoöperaties. Gemeenten bieden soms leningen met lage rente (ook wel duurzaamheidsleningen) voor investeringen in isolatie, zonnepanelen of laadinfrastructuur. Sommige gemeenten werken samen met het Nationaal Warmtefonds of regionale energieloketten om dit toegankelijk te maken voor mkb-bedrijven.

Gunstige leningen als alternatief of aanvulling

Niet alles is een directe subsidie. Soms is een voordelige lening een betere keuze, zeker als je de investering wilt spreiden. Het RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) biedt via de Groeifaciliteit en de BMKB-Groen een overheidsgarantie op leningen voor duurzame investeringen, waardoor banken sneller en goedkoper financieren. Hierdoor kun je als mkb’er lenen tegen gunstigere voorwaarden dan zonder die garantie.

Ook het Nationaal Warmtefonds verstrekt leningen specifiek voor energiebesparende maatregelen in gebouwen, ook voor zakelijk vastgoed. Combineer je een lening met de EIA of MIA, dan betaal je via de belastingaftrek effectief minder terug dan het geleende bedrag.

Hoe vraag je subsidie aan?

De meeste rijksregelingen lopen via het RVO (rvo.nl). Aanvragen zijn gebonden aan openstellingsperioden. De SDE++ opent bijvoorbeeld twee keer per jaar. Voor de EIA en MIA/Vamil geldt dat je de investering eerst meldt bij RVO en daarna pas definitief aanschaft, anders mis je de aftrek. Dat is een veelgemaakte fout.

Voor gemeente- en provincieregelingen ga je naar de website van jouw gemeente of provincie, of gebruik je het subsidieregister van jouw regio. Veel provincies hebben ook een subsidieloket of ondernemerscontactpunt dat je gratis advies geeft over welke combinatie van regelingen mogelijk is.

Veelgemaakte fouten bij het aanvragen

  • Te laat aanvragen: sommige regelingen zoals de EIA vereisen dat je meldt vóór de investering plaatsvindt.
  • Regelingen niet combineren: je kunt de EIA, MIA en een lening met BMKB-Groen vaak stapelen. Wie dat niet doet, laat geld liggen.
  • Verkeerde activacodes gebruiken bij de Milieulijst: de investering moet exact overeenkomen met een omschrijving op de lijst. Twijfel je, laat het controleren door je accountant of een subsidieadviseur.
  • Vergeten dat subsidies belastbaar zijn: een ontvangen SDE++-subsidie telt mee als omzet en heeft dus fiscale gevolgen. Reken dat vooraf door.

Veelgestelde vragen

Kan ik meerdere subsidies tegelijk aanvragen?
Ja, dat is zelfs aan te raden. De EIA is te combineren met de MIA/Vamil, en beide zijn te stapelen met een BMKB-Groen lening. Sommige subsidies hebben wel cumulatieregels, dus controleer per regeling of combineren is toegestaan.

Geldt de SDE++ ook voor kleine bedrijven?
De SDE++ is geschikt voor grotere installaties en heeft een minimale projectomvang. Voor kleine ondernemers is de ISDE vaak een betere keuze bij de aanschaf van een warmtepomp of zonneboiler.

Waar vind ik een actueel overzicht van alle openstaande regelingen?
Het meest betrouwbare overzicht staat op rvo.nl (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) en op de website van je gemeente of provincie. Gemeenten zoals Den Haag bundelen regelingen van alle drie de niveaus op één pagina, wat veel zoekwerk scheelt.

De meeste subsidies voor duurzaam ondernemen zijn toegankelijk voor het brede mkb, maar vragen wel om voorbereiding. Controleer openstellingsdata, meld investeringen op tijd aan en kijk altijd of je regelingen kunt combineren. Zo haal je het meeste financieel voordeel uit je verduurzamingsinvestering.

Scroll naar boven